Lichte hoofdpijn. Een spanningsboog van niet meer dan dertig seconden. De woorden op het witte A4-papier vervormen zich al snel tot een grijze brei . Vol goede moed ben ik zojuist begonnen aan mijn zelfstudie. Want ja, ook dat hoort erbij.
Naast alle glans die een traineeship met zich meebrengt, moet er ook een klappertje vol taaie kost worden doorgenomen. Hoe werkt wet- en regelgeving binnen de bankenwereld, welke producten bestaan er en wat zijn hun karakteristieken. Prima leesvoer voor een ietwat katerige zondagmiddag.
Volgens mijn solide planning zou ik vandaag twee hoofdstukken moeten doornemen. De juiste doelstellingen formuleren en strak plannen leer ik in mijn traineeship. Het nauwkeurig volgen van je planning en bereiken van je initieel gestelde doelen heet realisatiekracht. Mooie theorie, maar vandaag speelt een klein kwaaltje uit mijn studententijd me toch parten.
Ik schatte me van te voren studietechnisch toch net iets effectiever in dan achteraf blijkt. Niet gedacht dat ik het studentikoze woord ooit nog zou gebruiken, maar uit SOG (‘studie ontwijkend gedrag’) besluit ik boodschappen te gaan doen. In de rij bij de kassa word ik geconfronteerd met een tweede studentenkwaaltje; slechts enkele kleverige dubbeltjes staren me aan. Gaat er 60 euro mee in de portemonnee naar de kroeg, dan gaat er 60 euro op. Het geld is al gepind, afgeschreven van mijn rekening, en het voelt of het eigenlijk al is gereserveerd om uit te geven. Dus opmaken dat gepinde bedrag! Overdag volkomen irrationeel natuurlijk, maar ’s nachts glasheldere logica.
Iets opmaken, simpelweg omdat het van te voren al is gereserveerd. Doen wij dit op de werkvloer ook niet te vaak? Een vergadering is gepland tot vijf uur, maar gelukkig zijn we een half uurtje eerder klaar. In plaats van eerder te stoppen en gebruik te maken van het half uurtje extra tijd, wordt het agendapunt rondvraag nogal gerekt. Er worden een aantal nuttige vragen gesteld, maar zijn alle zaken die uitgebreid aangestipt worden nu echt zo urgent? Zouden we deze vraag ook stellen als we net binnen de tijd klaar waren? Het laatste half uurtje wordt ‘volgepraat’ en stipt vijf uur verlaat iedereen de vergaderzaal.
Misschien ben ik te ongeduldig, maar zou dit niet efficiënter kunnen? Eerder stoppen dus, en terug aan het werk. Ik ben me ervan bewust dat werken binnen een groot bedrijf om de nodige afstemming vraagt. Bij omvangrijke trajecten is veel expertise nodig, en hiervoor heb je hulp van je collega’s nodig. Soms vraag ik me echter af of het niet effectiever kan. Is het nu echt nodig dat er voor een kleine verandering een nieuw overlegorgaan wordt ingericht? Moet een klein stukje tekst op internet langs zo veel ogen gaan?
Ik moet me leren afvragen of die laatste ronde bacardi-cola nou echt nog veel toegevoegde waarde heeft. Hiermee spaar ik me geld uit en bespaar ik me een fikse hoofdpijn. Zullen wij onszelf leren afvragen of die extra vergadering of die ene laatste vraag nu echt nodig is? Hiermee besparen we onze eigen tijd, en die van onze collega’s.
Er is nog genoeg te doen namelijk! Een zelfstudie bijvoorbeeld..




Reacties